GS1 2D-codes voor de bouw zijn één manier om de gegevensdrager te leveren die de nieuwe Bouwproductenverordening (CPR) naast de CE-markering gaat eisen, zodra er een digitaal productpaspoort (DPP) bestaat. Verordening (EU) 2024/3110 noemt GS1 noch enige symbologie.
Vandaag zijn 2D-codes in de bouw nog nergens verplicht. De paspoortplicht start 18 maanden na een gedelegeerde handeling die nog niet is vastgesteld, familie per familie. Deze gids is bedoeld voor merken en fabrikanten die bouwproducten in de EU in de handel brengen, en voor de logistieke partijen die hun platen, pakken en pallets verwerken. Hij behandelt wat GS1 2D-codes voor de bouw moeten openen, wanneer de plicht ingaat en hoe u codeert.
Wat zijn GS1 2D-codes voor de bouw?
GS1 2D-codes voor de bouw zijn QR Codes of GS1 DataMatrix-symbolen die de GTIN van een product coderen, plus waar nodig een partij- of serienummer. De gegevens staan erin als GS1-elementstrings of als GS1 Digital Link-URI. Op het product, het etiket, de verpakking of de afleverbon kan een Digital Link-code vandaag de prestatieverklaring openen en later het paspoort.
De wet zelf is neutraal. De CPR definieert een gegevensdrager als "een streepjescode, een tweedimensionaal symbool of een ander medium voor automatische vergaring van identificatiegegevens dat met een apparaat kan worden gelezen" (artikel 3, punt 41). Ze noemt geen symbologie en geen normalisatie-instelling.
GS1 komt in beeld via zijn identificatiesleutels. GS1 2D-codes voor de bouw dragen het Global Trade Item Number (GTIN) van het product of het pak. Daaromheen identificeert het Global Location Number (GLN) het bedrijf en de fabriek, en de Serial Shipping Container Code (SSCC) de pallet. Voor de symbolen zelf, zie GS1 2D-barcodes en GS1 Digital Link.
Wat moet de code openen onder de CPR?
De CPR somt op wat het paspoort voor bouwproducten moet bevatten (artikel 76, lid 2, punt a)). Dat is wat GS1 2D-codes voor de bouw zouden openen als ze de gegevensdrager van het paspoort worden.
| Onderdeel van art. 76, lid 2, punt a) | Wat het voor u betekent | Waar het vandaag meestal staat |
|---|---|---|
| i) Prestatie- en conformiteitsverklaring (DoPC) | Opgegeven prestaties en conformiteit van het producttype | Pdf op uw website, of op papier bij de levering |
| ii) Algemene productinformatie, gebruiksaanwijzing, veiligheidsinformatie | Installatie- en veiligheidsinstructies | Bijsluiter in het pak, productpagina |
| iii) Technische documentatie | Het bewijs achter de verklaring | Interne kwaliteitsdossiers |
| iv) Etikettering volgens art. 22, lid 9 | Een etiket over ecologische duurzaamheid, als een gedelegeerde handeling dat eist | Nog niet vereist |
| v) Unieke identificatiemiddelen (art. 79, lid 1) | Producttypecode, plus partij- of serienummer waar gebruikt | ERP, en gedrukt naast de CE-markering |
| vi) Documentatie vereist door ander EU-recht | Wat andere EU-handelingen voor het product eisen | Aparte compliancedossiers |
| vii) Gegevensdragers van belangrijke onderdelen | Bij kits: de codes van onderdelen met een eigen paspoort | Leveranciersdocumenten |
Eén paspoort per producttype, niet per plaat. Het paspoort is verbonden met "een permanente unieke identificatiecode van het producttype" (artikel 77, lid 1, punt a)).
Partij- of serienummer is voorwaardelijk. U moet de producttypecode aanbrengen en, "indien beschikbaar", een partij- of serienummer (artikel 22, lid 5).
In GS1-termen krijgt elk handelsartikel een eigen GTIN. Eén producttype omvat dus vaak meerdere GTIN's, zoals maten en verpakkingen, die allemaal naar dezelfde verklaring wijzen. Partij (batch) hoort bij Application Identifier (AI) (10) en serienummer bij AI (21). Dat sluit goed aan, maar is geen wettelijke eis.
De code kan ruimte vrijmaken naast de CE-markering. Voor producten die al onder de nieuwe CPR vallen, mag een gegevensdrager of permalink naar een DoPC op een website de gedrukte producttypecode en verklaringscode vervangen.
Zodra een paspoortgegevensdrager is aangebracht, mogen beide wegvallen (artikel 18, lid 2). Het praktijkvoorbeeld hieronder laat zien waarom gipsplaat dat nog niet kan.
Toegang is kosteloos, maar gelaagd. Elke marktdeelnemer, klant, gebruiker en autoriteit kan het paspoort kosteloos bereiken via de gegevensdrager. De gedelegeerde handeling bepaalt welke actoren welke informatie zien (artikel 75, lid 2, punt c), en artikel 76, lid 2, punten e) en f)). Voor de bredere architectuur, zie wat een digitaal productpaspoort is.
Wanneer worden GS1 2D-codes voor de bouw verplicht?
Nog niet, en niet op één datum. GS1 2D-codes voor de bouw zijn vandaag vrijwillig. Drie voorwaarden moeten samenvallen voordat een gegevensdrager op uw product een wettelijke plicht wordt.
- De paspoorthandeling moet bestaan. De Commissie moet een gedelegeerde handeling vaststellen die het paspoortsysteem opzet (artikel 75, lid 1). Een gedelegeerde handeling is een verordening van de Commissie die de details van de CPR invult. Ze treedt pas in werking als Parlement en Raad binnen twee maanden geen bezwaar maken, een termijn die met nog eens twee maanden kan worden verlengd (artikel 89, lid 6).
- Daarna lopen 18 maanden. De fabrikant moet het paspoort 18 maanden na de inwerkingtreding van die handeling beschikbaar stellen (artikel 22, lid 7).
- Uw familie moet naar de nieuwe CPR zijn overgegaan. Uw verplichtingen onder de nieuwe CPR beginnen één jaar nadat een uitvoeringshandeling een nieuwe geharmoniseerde norm voor uw familie verplicht stelt (artikel 95, lid 9). Een geharmoniseerde norm legt vast hoe de prestaties van een productfamilie worden getest en verklaard; een uitvoeringshandeling is een handeling van de Commissie die de wet in de praktijk brengt.
Volgens het werkplan van de Commissie zijn paspoorten bedoeld voor producten onder de nieuwe CPR, en uitdrukkelijk niet voor producten onder de CPR-2011, de oude Verordening (EU) nr. 305/2011.
| Mijlpaal | Datum | Status | Bron |
|---|---|---|---|
| CPR treedt in werking | Wet | CPR art. 96 | |
| Hoofddeel van de CPR van toepassing | Wet | CPR art. 96 | |
| Gedelegeerde handeling voor het bouwpaspoort | (verwacht) | Indicatief | DPP-tijdlijn van de Commissie |
| Cementnorm verplicht gesteld (vroegste rij onder de nieuwe CPR in het plan; onze lezing) | (verwacht) | Indicatief | COM(2025) 772, tabel 3 |
| Gipsproducten: normalisatieverzoek | (verwacht) | Indicatief; nog geen verplichte datum | COM(2025) 772, tabel 3 |
| Paspoortsysteem volledig operationeel | Handeling + 6 maanden | Wet, relatief | CPR art. 80, lid 1 |
| Fabrikant moet het paspoort leveren | Handeling + 18 maanden | Wet, relatief | CPR art. 22, lid 7 |
| Plicht bereikt een productfamilie | Uitvoeringshandeling + 1 jaar | Wet, relatief | CPR art. 95, lid 9 |
| Laatste bepalingen van de CPR-2011 ingetrokken | Wet | CPR art. 94 (webpagina's van de Commissie noemen 2039) |
De klok van 18 maanden loopt nog niet. Op 6 oktober 2026 vermeldt EUR-Lex drie gedelegeerde verordeningen ter aanvulling van de CPR: 2026/331 en 2026/557 over brandklassen, en 2026/1310 over systemen voor beoordeling en verificatie. Geen daarvan zet het paspoortsysteem op.
Wat de rekensom zegt. Wordt de handeling vroeg in het aangegeven kwartaal vastgesteld en zonder bezwaar aanvaard, dan komt u 18 maanden later op zijn vroegst eind 2028 uit. Met de volledige controleperiode, of bij enige vertraging, schuift de plicht naar 2029. Dat is onze rekensom, geen officiële datum.
De CPR-pagina van de Commissie telt de 18 maanden bovendien per productfamilie, dus de start kan per familie verschillen. Tot die tijd blijven GS1 2D-codes in de bouw een vrijwillige keuze.
Wat zegt GS1 over 2D-codes op bouwproducten?
GS1 heeft twee documenten die GS1 2D-codes voor de bouw vormgeven, en hun gewicht verschilt sterk.
Geratificeerd: de GTIN Management Guideline for Construction Products (release 1.0, januari 2023). Die richtlijn gebruikt gipsplaat om te laten zien wanneer een nieuwe GTIN nodig is.
Een gipsplaat waarvan de dichtheid verandert voor een uitgebreide toepassing of functie heeft er een nodig. Hetzelfde geldt voor een pak waarvan het opgegeven aantal platen van 8 naar 10 gaat, en voor een product dat van een nationale norm naar een geharmoniseerde EU-norm overgaat en voortaan een CE-markering moet dragen.
Voorlopig: de GS1-applicatiestandaard voor het DPP (release 2, juni 2026). Het document zegt zelf uitdrukkelijk dat het geen geratificeerde GS1-standaard is. De regels kunnen veranderen zodra de gedelegeerde handelingen bekend zijn:
- De identificatiecode is de GTIN, eventueel met een versie, batch/lot of serienummer, afhankelijk van de regelgeving.
- De drager is een QR Code of Data Matrix in GS1 Digital Link-syntaxis. RFID en NFC mogen alleen als aanvulling op de 2D-code worden toegevoegd.
- De code komt op het product, en anders op de verpakking of in de begeleidende documentatie.
- Voor bouwproducten vermeldt de eigen tabel van de standaard granulariteit en drager als "TBD", nog te bepalen.
GS1 in Europe gebruikt in zijn position paper over de CPR de GTIN voor producten, partijen en geserialiseerde exemplaren, en het GLN voor de fabrikant en zijn vestigingen. De SSCC kan volgens het paper voor pallets worden gebruikt.
Nationale GS1-organisaties vullen de praktijk van 2D-codes voor de bouw in. Een Finse pilot met kunststof waterleidingbuizen, met GS1 Finland onder de uitvoerders, adviseerde GS1 DataMatrix of GS1 QR, met GTIN plus partij of productiedatum als minimum.
GS1 Zweden zegt dat een partijnummer, waar dat bestaat, op de afleverbon thuishoort. GS1 Nederland beschrijft een QR-code met GS1 Digital Link op het product, en GTIN plus serienummer voor de onderhoudshistorie.
Samen werken de GS1-sleutels achter GS1 2D-codes voor de bouw op vijf niveaus:
| Niveau | GS1-sleutel | Drager | Aanknopingspunt in de CPR |
|---|---|---|---|
| Plaat of product | GTIN, met partij (of serienummer) | QR Code of Data Matrix, GS1 Digital Link | Art. 22, lid 5: code op het product; art. 18, lid 2, punt g): naast de CE-markering |
| Pak of bundel | Eigen GTIN, met partij | 2D-code op het verpakkingsetiket | Art. 22, lid 5, terugvaloptie: etiket, dan verpakking |
| Pallet | SSCC, plus GTIN en partij van de inhoud | GS1-logistiek label | Geen CPR-plicht; logistieke traceerbaarheid |
| Afleverbon | GTIN en partij per regel | Gedrukt of elektronisch document | Art. 22, lid 5, laatste terugvaloptie: begeleidend document |
| Fabrikant en fabriek | GLN | Stamgegevens, niet gedrukt | Wie het maakte, en waar |
Praktijkvoorbeeld: een gipsplaatlijn coderen in Bydgoszcz
Zo werken GS1 2D-codes voor de bouw stap voor stap op één productielijn. Neem een hypothetische gipsplaatfabrikant in Bydgoszcz, Polen. Hij maakt twee platen van 12,5 mm, een standaardplaat en een brandwerende plaat, elk in één maat. Hij levert aan een distributeur in Utrecht: elke week 30 pallets met 6 pakken van 8 platen, ofwel 1.440 platen.
Stap 1: één GTIN per plaat. Voor de twee platen worden verschillende prestaties verklaard, dus het zijn twee producttypes, elk met een eigen GTIN. Voegt de fabrikant later maten toe, dan krijgt elke maat een eigen GTIN, en alle GTIN's van één type linken naar de verklaring van dat type.
Stap 2: nieuwe GTIN's waar GS1 dat zegt. De distributeur vraagt om pakken van 10 platen. Volgens de GS1-richtlijn is dat een nieuwe pak-GTIN, terwijl de plaat-GTIN blijft. Een latere plaat met hogere dichtheid voor een uitgebreide toepassing krijgt een nieuwe plaat-GTIN.
De richtlijn zwijgt over de overgang naar de nieuwe CPR. Haar regel over CE-markering betreft producten die voor het eerst een CE-markering krijgen, en deze plaat heeft die al.
Stap 3: partij in de code. Elke ploeg krijgt een partijnummer. De 2D-code op elk verpakkingsetiket codeert de pak-GTIN plus partij in een GS1 Digital Link-URI, op een domein dat de fabrikant beheert.
Waar de lijn op de plaat kan drukken, draagt de plaat een eigen code: de plaat-GTIN plus dezelfde partij. De pak-GTIN leidt naar de verklaring van de plaat die erin zit.
Stap 4: SSCC op elke pallet, partij op de afleverbon. Elk palletetiket draagt een SSCC en de partij; de afleverbon vermeldt GTIN en partij per regel. Een klacht over één ploeg is zo terug te voeren naar de locaties die die partij ontvingen.
Stap 5: wat de code vandaag opent. Gipsplaat valt nog onder een geharmoniseerde norm van de CPR-2011, dus de oude verordening regelt nog de CE-markering (CPR-artikel 95, lid 8). Die verordening eist de gedrukte producttypecode en de verwijzing naar de verklaring na de CE-markering (haar artikel 9, lid 2). De 2D-code komt er dus naast, niet in de plaats ervan.
Ze opent de prestatieverklaring op de website van de fabrikant, gepubliceerd onder artikel 7, lid 3, van de oude verordening en Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 157/2014. Zodra gipsproducten naar de nieuwe CPR overgaan, mag de code die gedrukte codes vervangen (artikel 18, lid 2).
Accepteert de gedelegeerde handeling een GS1 Digital Link-URI als paspoortdrager, dan kan de resolver dezelfde URI vervolgens naar het paspoort doorsturen.
Het tegenscenario. Stel dat de brandwerende pakken de deur uitgaan met de GTIN van de standaardplaat, omdat de lijn een printsjabloon hergebruikte. Het controlecijfer klopt, dus elke scanner accepteert de code. Op de bouwplaats opent een scan de verklaring van de standaardplaat, met de verkeerde brandprestatie, voor een plaat die voor een brandscheidende wand is gekozen.
Eén verkeerd getypt cijfer wordt altijd door het controlecijfer betrapt. Een geldige maar verkeerde GTIN is de fout die GS1 2D-codes voor de bouw zelf niet opvangen: die passeert elke scanner. Onder het paspoortregime zou ze staan in een systeem dat autoriteiten helpt de conformiteit te controleren (artikel 76, lid 3, punt b)). De oplossing is om vóór het drukken de GTIN te controleren tegen de productspecificatie, per lijn en per ploeg.
Randgevallen: producten die niet passen
Deze gevallen veranderen waar GS1 2D-codes voor de bouw komen, of wat ze coderen.
Maatwerk en erfgoedproducten. Maakt u gebruik van de vrijstelling van artikel 14, zodat u geen DoPC hoeft op te stellen, dan vervalt ook de paspoortplicht (artikel 76, lid 4).
De vrijstelling is beperkt. Ze dekt niet-seriematige producten die op specifieke bestelling worden gemaakt en in één bepaald bouwwerk worden geïnstalleerd (artikel 14, punt a)). De installateur moet de fabrikant zijn, die ook verantwoordelijk is voor de veilige inbouw, onder nationale regels en toezicht. Ze dekt ook niet-seriematige erfgoedproducten voor officieel beschermde bouwwerken (artikel 14, punt b)).
Families die nog onder CPR-2011-normen vallen. Die blijven buiten de paspoortplicht tot hun familie overgaat (artikel 95, lid 9).
Kits. Het paspoort bevat de gegevensdragers van belangrijke onderdelen met een eigen paspoort (artikel 76, lid 2, punt a), vii)). Plan GTIN's voor de kit en voor die onderdelen.
Onlineverkoop. Zodra de plicht geldt, moet een online aanbod de gegevensdrager tonen, en tussenpersonen delen in die plicht (artikel 29, leden 2 en 3). Geef onlineverkopers op verzoek binnen 5 werkdagen kosteloos een digitale kopie van de gegevensdrager (artikel 77, lid 3).
Papier op verzoek. De DoPC, de gebruiksaanwijzing en de veiligheidsinformatie moeten kosteloos op papier worden verstrekt als de eindgebruiker daar bij aankoop om vraagt (artikel 91, lid 2).
Oppervlakken die geen code kunnen dragen. De volgorde van de CPR is: product, aangebracht etiket, verpakking, dan begeleidend document (artikel 18, lid 1, en artikel 22, lid 5). De voorlopige GS1-standaard volgt dezelfde volgorde.
Platen die via de retail worden verkocht. Winkelkassa's stappen op hun eigen tijdpad over op 2D: zie GS1 Sunrise 2027 en onze gids over de overstap naar 2D-codes.
Fabrikanten buiten de EU. De paspoortplicht ligt bij de fabrikant, waar die ook gevestigd is (artikel 22, lid 7). Onder de nieuwe CPR moet een fabrikant buiten de EU ook één gemachtigde in de Unie aanwijzen (artikel 23, lid 1). Zie DPP en fabrikanten buiten de EU.
Uitgezoomd: hoe het bouwpaspoort aansluit op de ESPR
Het paspoort voor bouwproducten moet gebaseerd zijn op het paspoort van Verordening (EU) 2024/1781, de ESPR (verordening ecologisch ontwerp), zonder afbreuk te doen aan de interoperabiliteit met Building Information Modelling (BIM) (artikel 75, lid 2, punt a)). De ESPR-regels over identificatiecodes, gegevensdragers en het register gelden, tenzij de handeling voor bouwproducten andere regels vaststelt (artikel 79).
Het EU-DPP-register werd gelanceerd op , en Uitvoeringsverordening (EU) 2026/1778 noemt producten onder CPR-artikel 76 in haar toepassingsgebied. Bijlage III van de ESPR noemt de GTIN volgens ISO/IEC 15459-6 of een gelijkwaardige norm: een GTIN is één conforme optie, geen verplichting.
Of GS1 2D-codes voor de bouw zullen aansluiten op de wettelijke paspoortdrager, is nog open. Volgens de FAQ van de Commissie legt de gedelegeerde handeling die drager per productgroep vast; QR-codes en NFC worden daarbij beoordeeld.
Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/1736 heeft inmiddels EN 18220:2026 over gegevensdragers en EN 18219:2026 over unieke identificatiecodes onder de ESPR in het Publicatieblad opgenomen. Welke drager bouwproducten moeten gebruiken, blijft een zaak van de CPR-handeling.
Levensduur is de echte beperking. Het paspoortsysteem moet 25 jaar toegankelijk blijven nadat het laatste product van een type in de handel is gebracht. U moet elk paspoort minstens 10 jaar beschikbaar houden (artikel 75, lid 2, punt i)).
Een plaat in een wand overleeft meerdere herontwerpen van een website, dus het domein en de resolver achter GS1 2D-codes voor de bouw tellen zwaarder dan het symbool. Zie onze ESPR-gids.
Wat moeten fabrikanten van bouwproducten nu doen?
- Controleer GTIN's tegen producttypes. Koppel elke GTIN aan precies één producttypecode; één type kan veel GTIN's hebben. GTIN's komen uit een licentie bij uw nationale GS1-lidorganisatie.
- Kies tussen partij- en serieniveau. Partijnummers passen bij platen en zakken; serienummers bij producten met een onderhoudshistorie.
- Publiceer verklaringen op stabiele URL's, op een domein dat u beheert.
- Start een pilot met GS1 2D-codes voor de bouw op pakken en pallets. Test drukken en scannen op echte oppervlakken; GS1 2D-barcodes behandelt de basis van het drukken. De gratis QR-codegenerator voor GS1 Digital Link van Passmith werkt in de browser, zonder registratie. Passmith heeft ook een gratis plan.
- Volg de handeling van artikel 75, lid 1, en de rij van uw familie in het CPR-werkplan. Ons artikel over het ESPR-werkplan legt uit hoe u indicatieve data leest.
GS1 2D-codes voor de bouw zijn vandaag een vrijwillige, omkeerbare stap, vooruitlopend op een plicht voor de gegevensdrager die al in de wet staat maar nog niet geldt. Zet de identificatiecodes nu goed. Accepteert de gedelegeerde handeling een QR Code of Data Matrix met een GS1 Digital Link-URI, dan heeft het paspoort misschien alleen een doorverwijzing nodig, geen nieuw identificatieschema.
Verder lezen: GS1 Digital Link vs QR-code · Wat is een digitaal productpaspoort? · GS1 2D-barcodes
Veelgestelde vragen
Zijn GS1 2D-codes voor de bouw in 2026 verplicht?
Wanneer wordt het paspoort voor bouwproducten verplicht?
QR Code of Data Matrix op gipsplaat?
Eist de CPR GS1 of een GTIN?
Kan de 2D-code de producttypecode naast de CE-markering vervangen?
Heeft een nieuwe verpakkingsgrootte een nieuwe GTIN nodig?
Waarnaar moet een GS1 2D-code linken zolang het paspoort niet bestaat?
Bronnen
- Verordening (EU) 2024/3110 (Bouwproductenverordening), artikelen 3, 14, 16, 18, 22, 23, 29, 75–80, 89, 91, 94–96 — EUR-Lex — 2026-10-06
- Verordening (EU) 2024/3110 — EUR-Lex, documentinformatie (handelingen ter aanvulling van de verordening) — 2026-10-06
- Verordening (EU) nr. 305/2011 (CPR-2011), artikelen 7 en 9 — EUR-Lex — 2026-10-06
- Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 157/2014 van de Commissie over het beschikbaar stellen van een prestatieverklaring op een website — EUR-Lex — 2026-10-06
- Verordening (EU) 2024/1781 (ESPR), bijlage III — EUR-Lex — 2026-10-06
- COM(2025) 772 — eerste CPR-werkplan 2026–2029 — EUR-Lex — 2026-10-06
- Uitvoeringsbesluit (EU) 2026/1736 van de Commissie over geharmoniseerde normen voor het digitaal productpaspoort — EUR-Lex — 2026-10-06
- Uitvoeringsverordening (EU) 2026/1778 van de Commissie over het register van digitale productpaspoorten — EUR-Lex — 2026-10-06
- Europese Commissie — Digitaal productpaspoort (indicatieve tijdlijn en nieuws) — 2026-10-06
- Europese Commissie — CE-markering en prestatie- en conformiteitsverklaring (DoPC), CPR — 2026-10-06
- Europese Commissie — Digitaal productpaspoort, veelgestelde vragen (FAQ) — 2026-10-06
- GS1 in Europe — GS1-ondersteuning voor de Bouwproductenverordening (CPR-2024), position paper — 2026-10-06
- GS1 — GTIN Management Guideline for Construction Products (GTIN-richtlijn voor bouwproducten), release 1.0 — 2026-10-06
- GS1 — Voorlopige standaard voor het digitaal productpaspoort (DPP), release 2 (niet geratificeerd) — 2026-10-06
- GS1 Finland — Pilot: digitale verspreiding van productinformatie over kunststof buizen met een 2D-code — 2026-10-06
- GS1 Zweden — GTIN vägledare för byggbranschen (GTIN-handleiding voor de bouwsector) — 2026-10-06
- GS1 Nederland — Traceerbaar bouwen en installeren — 2026-10-06

